Overconsumptie vormgegeven. Grappig of pijnlijk?

Een blogpost bij de podcast "Tussen Kunst en Onze Natuur" van Leonie Mijnlieff en Marcel Collignon

Deze auto is dik, opgeblazen obese kan je wel stellen. Zijn vormen puilen uit als deeg dat te lang heeft gerezen. De spatborden zijn bol, de motorkap gezwollen, de carrosserie één grote massa van welvaart die zichzelf niet meer kan inhouden.

Dit is een kunstwerk uit de serie Fat Cars van de Oostenrijkse kunstenaar Erwin Wurm. Het is een directe confrontatie met onszelf en ons consumisme.

Een jeugd in verstikkende burgerlijkheid

Om Wurm te begrijpen, moet je weten waar hij vandaan komt. Hij groeide op in het naoorlogse Oostenrijk van de jaren vijftig en zestig, een land dat na de Tweede Wereldoorlog koste wat het kost wilde vergeten en normaal wilde doen. De dominante mentaliteit was die van de Kleinburgerlijkheid: netjes, braaf, conformistisch. De gordijnen dicht, de auto gepoetst, de gevel wit. Alles op zijn plaats en niemand die vragen stelt.

Wurm reageert op die wereld met absurdisme. Als je de werkelijkheid die je omringt te verstikkend vindt om serieus te nemen, maak je haar belachelijk. In dit geval met veel humor.

Overconsumptie als sculptuur

Wurm (geboren 1954) is een van de meest speelse én meest kritische beeldhouwers van onze tijd. Zijn Fat Cars, levensgrote auto's bekleed met polyurethaanschuim en polyester tot ze eruitzien als opgeblazen versies van zichzelf, zijn zijn scherpste commentaar op de consumptiesamenleving. De dikke IK mentaliteit, komt bij mij boven. De Fat Car is het symbool van de slaaf die we zijn geworden van spullen waar we ons mee identitficeren: opgeblazen vanbinnen, glanzend vanbuiten.

"De auto en het huis, de twee objecten die ik vet heb gemaakt, waren altijd de meest geliefde bezittingen van de mens, vóór de iPhone werd uitgevonden. Het is hoe we onze welvaart uitdrukken, onze status, onze coolheid." Erwin Wurm

De auto is in onze cultuur bijna een religieus symbool. Snelheid, vrijheid, macht. Een Porsche zegt iets over wie je bent of wie je wilt zijn. Wurm heeft dat symbool letterlijk dik gemaakt en vraagt je daarmee: wat als status eruitziet zoals het voelt? Opgeblazen. Zwaar. Een beetje belachelijk.

Waar de Kleinburgerlijkheid van zijn jeugd de schijn van orde en soberheid opriep, heeft de westerse consumptiemaatschappij dat omgekeerd: we worden aangespoord om méér te hebben, méér te kopen, méér te laten zien terwijl de boodschap tegelijkertijd is: blijf slank, blijf presentabel, blijf in de pas lopen.

Maar het lachen vergaat je als je beseft wat die consumptie voor impact heeft op het milieu.

Wat we normaal zijn gaan vinden

In onze podcast Tussen Kunst en Onze Natuur onderzoeken Marcel en ik hoe kunst iets zichtbaar maakt wat we anders niet willen zien. Wurm doet precies dat. Hij laat zien hoe onze waardesystemen zijn doorgeslagen, hoe we tegelijkertijd worden aangespoord om meer te consumeren en om slank te blijven. Meer te hebben, minder te zijn.

De auto-industrie is daar een schrijnend voorbeeld van. SUV's worden groter en zwaarder, terwijl de marketingboodschap schoner en groener klinkt. We zijn het normaal gaan vinden dat mobiliteit betekent: fossiele brandstof, files, asfalt, ruimtebeslag, en een enorme CO2-voetafdruk.

Wurm maakt die normalisering even zichtbaar. Door het simpelweg op te blazen.

En dan: de Glock als penis

In hetzelfde gesprek over Wurms werk staan we stil bij een tweede sculptuur: een pistool, een Glock, maar dan gevormd als een penis. Zwart brons, op een sokkel. Onmiskenbaar als wapen, en tegelijkertijd onmiskenbaar als fallus.

Wurm zegt hier in één object wat sociologen en feministen in honderden pagina's hebben beschreven: geweld en masculiniteit zijn met elkaar verstrengeld. Het pistool is al eeuwenlang een symbool van mannelijke macht het schiet, het domineert, het doodt. De penis is dat ook, in een ander register. Door ze samen te smelten in één vorm maakt Wurm de metafoor letterlijk. En daarmee ook onmogelijk te negeren.

Het is geen moraliserende boodschap. Het is een beeld. En beelden raken op een andere manier dan woorden.

Wat zegt het over onze samenleving dat wapens zo diep verweven zijn met identiteit, met mannelijkheid, met macht? Hoe normaal is het geworden om geweld als iets vanzelfsprekends te beschouwen — als iets wat erbij hoort, zoals een auto of een huis?

De wapenindustrie en het klimaat: de cijfers die niemand meldt

Er is iets wat we in onze podcast bewust willen benoemen, omdat het zelden wordt gezegd: de wapenindustrie is een van de grootste en minst besproken vervuilers ter wereld.

Een paar feiten:

  • 5,5% van de wereldwijde CO2-uitstoot wordt veroorzaakt door militaire activiteiten en de wapenindustrie — meer dan de gehele civiele luchtvaart en scheepvaart bij elkaar.

  • Driekwart van die militaire CO2-uitstoot komt van zware wapensystemen op fossiele brandstof.

  • De NAVO-landen hadden in 2023 een gezamenlijke militaire fossiele voetafdruk van 226 miljoen ton CO2-equivalent — 30 miljoen ton meer dan twee jaar eerder, gelijk aan ruim 8 miljoen extra auto's.

  • Als de NAVO-krijgsmachten samen een land zouden vormen, zouden ze de 40e grootste fossiele vervuiler ter wereld zijn.

  • Één F-35 straaljager stoot per tank brandstof circa 28 ton CO2-equivalent uit — dat is meer dan de gemiddelde Duitser in een heel jaar.

  • En misschien wel het meest schrijnende: door lobby van met name het Pentagon zijn militaire emissies uitgesloten van klimaatverdragen zoals het Akkoord van Parijs. De wapenindustrie rapporteert niet — en hoeft dat ook niet.

We praten over elektrische auto's en vleesloze maandagen. Maar over de klimaatvoetafdruk van de wapenindustrie? Vrijwel niet.

Luister mee

In deze aflevering van Tussen Kunst en Onze Natuur bespreken Marcel en ik de Fat Car en de Glock-sculptuur van Erwin Wurm uitgebreider. We praten over hoe de normalisering van overconsumptie en geweld in onze beelden zit — en wat kunst ons kan leren over anders kijken, anders voelen, en misschien anders leven.

🎧 Luister via Spotify

"Tussen Kunst en Onze Natuur" is een podcast van Leonie [achternaam] en Marcel Collignon. Elke aflevering bespreken we kunstwerken die iets zeggen over de relatie tussen mens, natuur en samenleving.